Antwerpen Boekenstad

a a
facebook twitter flickr

Peter Holvoet-Hanssen

5 | Reuzenlied

Naar aanleiding van de doortocht van 'de Duiker, zijn hand en de Kleine Reuzin' van het gezelschap Royal de Luxe in Antwerpen, schreef Peter Holvoet-Hanssen zijn vijfde Stadsgedicht. Het Reuzenlied eindigt met een slaapliedje, het Reuzenwijsje. Het is een liedje voor de Kleine Reuzin, een berceuse met een knipoog naar Van Ostaijen en tegelijk een slaapliedje voor alle kinderen van de stad. Tijdens het reuzenweekend (20 tot 22 augustus) was dit Reuzenwijsje 3 dagen lang te lezen op twee 10-meterslange banieren, in een ontwerp van Jelle Jespers, op het gebouw van de voetgangerstunnel (rechteroever). Omdat de reuzen geen Nederlands spreken, werd er ook een banier met de Franse versie gehangen. Die werd na afloop aan het Franse gezelschap Royal de Luxe geschonken.
Op de gedempte Zuiderdokken werd de Kleine Reuzin de avond van 20 augustus 2010 in slaap gezongen met het Reuzenwijsje. Peter Holvoet-Hanssen kreeg daarbij de hulp van Josse van den Bergh, Les Musicaux en van djembéman Walter Mets die het liedje ook 'arrangeerde'. Onverwacht kregen ze ondersteuning van een operazangeres die zich toevallig tussen het publiek bevond.

De reuzen inspireerden niet enkel Peter Holvoet-Hanssen tot een gedicht, maar ook de Zuid-Afrikaanse dichter Charl-Pierre Naudé. Naudé was in de maand juni op uitnodiging van de stadsdichter te gast in de Antwerpse PEN-flat. Samen gingen ze in Antwerpen op zoek naar de roots van de reuzen. Naudé's Reusegedig legt de link met Afrika en andere culturen.

 

Reuzenlied (met Reuzenwijsje)

                                     Zie ze dor na mor is gaon.
                                     (John 'Djon' Lundström, augustus 1977)

 

giganten namen hier een bad
                                     het zeegroen boog ten hemel
een zandbank was een berg voor ons
                                     een delta voor de reuzen
hier werden wij geworpen toen
                                     de paarden met ons spraken
wij plantten hutten tot een heem
                                     de handen in de Schelde
en Brabo zong zijn reuzenlied
                                     de tollenaar in trance
de zeilen bolden, torens klommen
                                     de stroom werd afgesloten
het goud van Zuid-Amerika
                                     met Rubens aan de kade
een eiland van bezwete tijd
                                     een broeihaard van culturen
vergoeten bloed gemixt met roet
                                     'wij blijven reuzenmakers'
Napoleon en wij 't kanon
                                     wij bleven watergravers
met honger op de donderkloot
                                     en Pierlala maar schranzen
de Pruisenlaars blonk als de hel
                                     viva, op zwier, niet zwanzen
de poesjenellen zingen scheel
                                     welkom reuze reuzen
en wij hier voor het reuzenmeisje
                                     samen nu dit wijsje

            reuzinneke
                                     stap in de boot
            dromen zijn uw reisgenoot

            reuzinneke
                                     en dans met ons
            keer u toch niet om bom bom

            schoon spinneke
                                     een kleurenstoet
           ’t Stad is nu een toverhoed

           schoon rozeke
                                     de avond valt
           de sterren voor u uitgestald

           reuzinneke
                                     en zijt ge moe
           doe dan maar de luiken toe (4 x - decrescendo)

 


          petite géante
                                     bateau te berce
          foule de rêves sur toi verse

          petite géante
                                     danse avec nous
          va ne te retourne pas

          oh belle épeire
                                     couleurs en route
          vois la ville, chapeau magique

          oh jolie rose
                                     que tombe la nuit
          pour toi ciel d’étoiles amies

          petite géante                                                
                                     si tu es lasse
          enlace songes, sommeil embrasse

          petite geante
                                     si tu es lasse
          trace tes rêves et joie embrasse
          (4x - decrescendo)

 © Stadsgedicht Antwerpen nr. 5, 20 augustus 2010
Peter Holvoet-Hanssen (tekst en melodie van het Reuzenwijsje) m.m.v. Walter Mets (arrangement)
Vertaling: Christoph Bruneel www.anequibutine.com.
Met bijzondere dank aan Jean-Luc Courcoult en Gwenn Raux van Royal de Luxe, Patrick De Groote en Jeroen Deceuninck van Zomer van Antwerpen en Ludo Peeters, Dorpsdichter van Deurne.